RP Logo ster 80 (VV) RP Logo ster 80 (VV) HISTORIE KORPS RIJKSPOLITIE
 
OP PAD MET .....OOM AGENT


Jasperse oom agent

De gestolen jeep. Haagse criminelen op oorlogspad…

Het was zondagochtend, tien minuten over negen. Ik was op weg naar het bureau voor een zondagsdienst en was, zoals gewoonlijk op zondag, te laat. Maar ja, ik had gisteravond late dienst gehad en die was ook niet precies om elf uur afgelopen.

Het zou wel weer zo’n zouteloze zondag worden. Met alleen ’s-middags wat meer drukte, als de ene helft van de automobilisten besluit om een strandwandeling te gaan maken en de andere helft een ritje door de Bollenstreek gaat doen.

Toen ik even later het bureau binnenstapte bleek dat ik mij lelijk vergist had. Een vrouwelijke collega zat met rode konen achter de mobilofoon en praatte gejaagd in de microfoon. Ik hoorde haar nog juist zeggen: “De opper komt net binnen en die zal ik meteen naar je toe sturen”.

Daarna vertelde zij wat er aan de hand was.

Om ongeveer half negen kwam er een melding van het hoofdbureau binnen. Op Schiphol was er zojuist een gele Jeep van de luchthaven-inspectie gestolen. Met deze Jeep hadden twee onverlaten een dolle rit langs de start- en landingsbanen gemaakt om vervolgens de Jeep dwars door een afsluitingshek bij het oude Schiphol te rijden. Na een wilde rit, de Jeep werd achtervolgd door een politieauto die door de joy-rijders tegen een vangrail werd gedrukt, was niet bekend welke rijksweg de autodieven zouden nemen. Rijksweg A4 of toch de A44 ? Niemand kon dat voorspellen.

Door diverse aanrijdingen was de Jeep inmiddels erg beschadigd. De dakset, waarop zwaailichten, luidsprekers en antennes stonden was deels losgerukt. De zijkanten waren ook zwaar ingedeukt.

In dit soort gevallen worden politieauto’s naar strategische punten gestuurd om uit te vinden waar de dieven met hun gestolen auto naar toe rijden.

In Sassenheim is zo’n punt bij het benzinestation van de Fina (het heet nu Totall), aan het einde van de Parklaan. Een collega - Paul genaamd -- was daar naartoe gereden. Hij vermoedde dat de Jeep naar Den Haag zou rijden, maar dan via de rijksweg 4 langs Leidschendam. Toen hij daar stond te wachten zag hij tot zijn grote verbazing even later met hoge snelheid een gele Jeep ‘langsblazen’. Paul scheurde met zijn Opel Kadett er direct achteraan. Dat hij met zijn Kadettje die Jeep kon bijhouden, daar staat hij nog steeds van te kijken, ja rijden kon hij wel, die Paul.

Bij de afslag van het motel Sassenheim zag de bestuurder van de Jeep zijn kans schoon en reed de afslag op, om meteen via de Warmonderdam en de Hoofdstraat weer in de richting van Sassenheim te rijden. En Paul bleef hem maar volgen, met toeters en bellen, ondertussen steeds zijn positie doorgevend.

Meer politieauto’s sloten zich later bij de achtervolging aan. De bestuurder van de Jeep voelde zich inmiddels behoorlijk in het nauw gedreven.

In Sassenheim reed bestuurder van de Jeep de Parklaan op en hierna de Gouverneurlaan in. Dat had hij beter niet kunnen doen, want hij was in Sassenheim helemaal niet bekend en collega Paul juist wel. Toen de bestuurder zichzelf vast dreigde te rijden bij de Hoofdstraat, koos hij er op het laatste moment voor om het park Rusthof in te rijden, waar hij de gele Jeep tegen een boom aan parkeerde.

Hij sprong met zijn bijrijder uit de auto om weg te rennen. Echter, collega Paul vond dat het nu welletjes was geweest. De twee hadden nogal wat op hun kerfstok aan zware overtredingen en dus trok hij zijn pistool daarbij luid roepend: “Sta of ik schiet” De twee, die juist het hazenpad op wilden gaan, liepen eerst gewoon door, maar toen Paul een waarschuwingsschot loste kozen zij toch maar eieren voor hun geld. De twee stopten zo schielijk dat je de rook bijna onder hun schoenzolen vandaan zag komen. Het is ook niet niks als je ineens zo’n luide knal achter je rug hoort.

Toegesnelde collega’s waren de criminelen behulpzaam bij het instappen in de andere politieauto’s en zo zaten zij even later tegenover mij in het politiebureau, waar ik hen met collega Paul een verhoor afnam.

Wat bleek: Zij waren met vier of vijf man, allemaal Hagenezen, wezen stappen in Amsterdam. Het was daar erg laat geworden en er was ontzettend veel gedronken. Zij reden terug naar Den Haag en toen men zo rond 8 uur ter hoogte van Schiphol reed moesten er twee erg nodig plassen. Dat was zo direct langs de Rijksweg wel erg link, want dat mag niet zomaar. Als de politie hen zag was de bestuurder de pineut, want die was zo dronken als een toeter. Dus daarom maakte men even een rondje op Schiphol, waar de twee maten langs de kant van de weg gingen wildplassen. De bestuurder vond het ineens wel grappig om weg te rijden. Hij liet zijn maten staan en reed weg naar Den Haag. De twee wildplassers aan hun lot overlatend. Wat nu? Zij hadden geen geld voor een trein, bus of taxi. Liften vonden zij ook niet zo’n goed idee. Zij gingen op onderzoek uit en toen zij bij de Inspecteurspassage op het vliegveld een grote gele Jeep zagen staan was het plan al gauw geboren. Zij slaagden erin om ongezien op het binnen-luchthaventerrein te komen en toen bleek dat de sleutels van de Jeep in het contactslot zaten waren de remmen los. Zij reden met de Jeep weg. Aanvankelijk viel die wegrijdende Jeep nog niet eens op. Dat veranderde echter toen de bemanning van de verkeerstoren de Jeep met erg hoge snelheid, slingerend, aan de andere kant van Schiphol zag rijden. Zij belden de dienstdoende luchthaven-inspecteur en deze schrok zich een hoedje, want hij had de sleutels in het contactslot laten zitten.

Nadat de nodige zaken door ons waren afgehandeld, werden de criminelen naar Schiphol overgebracht waar zij ook nog eens voor diverse vernielingen, aanrijdingen en overtredingen werden aangesproken.

Paul en ik zullen die ene zondag, die zo zouteloos dreigde te worden, nooit meer vergeten. Ja, het kan raar lopen in de wereld, zeker als je politieagent bent.

Want zeg nou zelf: In dat vak weet je niet wat je over een kwartier aan het doen bent.

Dat hebben we daar meer dan eens ondervonden.

Oom Agent.


Naar > Overzicht verhalen Oom Agent.